Leiden Religie Blog

Christelijke begrafenisrituelen in de late oudheid

Christelijke begrafenisrituelen in de late oudheid Institute for the Study of the Ancient World, via flickr.com

In tegenstelling tot het clichébeeld van de middeleeuwse kerk, lijkt de kerk zich tot de vierde eeuw weinig bemoeid te hebben met begrafenispraktijken.

Werden christenen in de late oudheid begraven door de kerk? Waren er ‘christelijke begraafplaatsen’, of lagen ze tussen hun niet-christelijke voorouders? Werden er misschien toch grafgiften meegegeven en was het geloof in de opstanding zo belangrijk dat alle christenen op dezelfde manier begraven werden?

Deze vragen zijn in de afgelopen tien jaar op vernieuwende wijze benaderd door een aantal wetenschappers en het antwoord is verrassend. In tegenstelling tot het clichébeeld van de middeleeuwse kerk, lijkt de kerk zich tot de vierde eeuw weinig bemoeid te hebben met begrafenispraktijken. Sterker nog, volgens een recent boek waren begrafenisrituelen helemaal geen belangrijk onderdeel van de religieuze identiteit van vroege christenen!

Iedereen die de catacomben in Rome bezocht heeft (zie de foto’s met uitleg alhier) zal begrijpen hoe choquerend die suggestie is. Al enige tijd is bekend dat de catacomben niet uitsluitend voor christenen waren, noch als schuilplaats dienden (zoals blijkt uit onderzoek van Leonard Rutgers). Nu lijkt het onderzoek de andere kant op te wijzen. Zou het mogelijk zijn dat de kerk eeuwenlang begrafenisrituelen een zaak van de familie en lokale tradities liet zijn?

Is elke vis een ichthus-vis?

Er zijn fascinerende vragen te stellen over de interpretatie van archeologisch materiaal uit begrafeniscontexten. Is elke vis in de catacomben een christelijk symbool (ichthus-vis)? Zijn alle graven in Egypte met een oost-west oriëntatie van christenen die verwachten direct op te staan met hun gezicht in de richting van de terugkomende Christus? Deze vragen komen voort uit de denkwijze dat er een directe (bijna een-op-een) relatie is tussen symbolen, gebruiken en religieuze overtuigingen.

Bijvoorbeeld: christenen geloven in een lichamelijke opstanding en daarom begraven ze hun doden. Of: Manicheeërs staan negatief tegenover het lichaam waarin hun ziel gevangen is en daarom besteden ze geen zorg aan het lichaam na overlijden. Beide redeneringen zijn overtuigend, maar houden geen rekening met andere factoren, zoals de invloed van eeuwenlange dorpstradities of de gewoontes van de familie.

Dat wil niet zeggen dat elke correlatie tussen archeologisch materiaal en religieuze overtuigingen dan maar verworpen moet worden. In veel gevallen wijzen bijvoorbeeld inscripties heel nadrukkelijk op een christelijke motivatie.

De rol van de bisschop

Fascinerend in de literatuur over christelijke begrafenispraktijken is de rol van de bisschop en de manier waarop in de loop van de vierde eeuw er wel degelijk restricties komen op de lokale gebruiken. Zo blijkt dat heel veel gelovigen bij elkaar kwamen om te eten bij het graf en dat ze daar de eucharistie wilden vieren en preken hoorden. Deze gelegenheden trokken veel meer bezoekers dan reguliere kerkdiensten, volgens een auteur ook omdat de reguliere kerkgebouwen veel te klein waren.

Ik zie geen reden om die lokale gebruiken te duiden als ‘half-bekeerd’ of als overblijfselen uit een heidense tijd. Wat hoorde bij een christelijk leven en welke praktijken buiten deze religieuze identificatie vielen, varieerde door de loop van de tijd. Dat de bisschop in de late oudheid hier een meer uitgesproken en strengere mening over krijgt wil niet zeggen dat zijn kudde zichzelf als minder christelijk zagen.

Neem bijvoorbeeld de brief van de vroeg-christelijke bisschop Cyprianus van Carthago over de Spaanse bisschop Martialis in het jaar 251. Cyprianus uit zijn verontwaardiging over de manier waarop Martialis zijn zoon begraven heeft. Hij vond het onacceptabel dat een bisschop zijn zoon zou begraven op de manier van een ‘heidense’ begrafenisvereniging (collegium).

Maar wil dat zeggen dat er duidelijke christelijke begrafenisgebruiken waren? Waarschijnlijk niet, want ondanks Cyprianus’ verontwaardiging kon een bisschop gewoon de traditionele gebruiken volgen zonder daardoor als minder christelijk gezien te worden door zijn directe omgeving. De uitgesproken mening van één bisschop in Noord-Afrika is niet meteen kenmerkend voor de hele antieke wereld.

Variatie

Een ander voorbeeld is te zien in het Romeinse dorp Kellis in de woestijn van Egypte waar een grote begraafplaats perfect lijkt te passen in de verwachting van een ‘christelijke begraafplaats’ met oost-west georiënteerde graven. Tegelijkertijd komen we ook graven tegen die suggereren dat christenen werden begraven in hun familiegraven, zelfs als deze traditionele schilderingen hadden met Egyptische goden.

Met deze voorbeelden komen we uit op het code-woord van recent wetenschappelijk onderzoek: variatie. In plaats van één helder patroon zien we nu veel meer variatie in gebruiken die als ‘christelijk’ geduid werden in bepaalde plaatsen en door bepaalde mensen. Concluderend zou je dus kunnen zeggen dat religieuze identificatie maar een onderdeel is van de elementen die begrafenisrituelen hebben beïnvloed.

Plaats een reactie

Name (required)

E-mail (required)

Een avatar? Ga naar www.gravatar.com

Onthoud mij
Hou me op de hoogte van reacties