Leiden Religie Blog

Antieke orakels en aartsengelen in spijkerbroeken

Antieke orakels en aartsengelen in spijkerbroeken foto: Jason Morrison, via flickr.com

Wat hebben het orakel van Delphi en hedendaagse engelenverhalen met elkaar gemeen? Research trainees Marlies de Groot en Bas van Rijn onderzoeken hoe verhalen geloof ondersteunen.

Het is opmerkelijk dat verhalen zo vaak onderbelicht zijn in de bestudering van religie, terwijl  ze voor de aanhangers van religie een fundamentele rol spelen binnen de geloofsbeleving. Aan de hand van het orakel van Delphi en het hedendaagse engelengeloof gaan twee research trainees op zoek naar manieren waarop verhalen geloof ondersteunen én misschien zelfs sturen.


Ons uitgangspunt is dat verhalen steunpilaren zijn voor andere aspecten van religie, zoals ritueel en geloof. Want religie draait om communicatie met onzichtbare wezens (goden en geesten) en om geloof in het effect van rituelen. Maar: goden, geesten en rituele effecten zijn zaken die je niet zomaar kunt waarnemen en waarover mensen vooral kennis opdoen via de verhalen die door anderen zijn verteld – verhalen over de daden van de goden en over rituelen die ‘echt’ tot genezing of een goede oogst hebben geleid. Onze focus ligt in het project niet zozeer op canonieke sleutelteksten zoals de Bijbel of de Koran, maar op de wisselwerking tussen alle soorten verhalen die binnen religie een rol kunnen spelen. Voorbeelden hiervan zijn verhalen over persoonlijke religieuze ervaringen, maar ook verhalen die in meer algemene termen over een religie gaan.

 

Orakels en engelen

Marlies (Researchmasterstudent Geschiedenis) kijkt naar de verhalen en tradities rond het orakel van Delphi in de antieke Griekse wereld. Het orakel van Delphi is het meest bekende orakel uit de antieke wereld. Door middel van het bestuderen van literaire verhalen, maar ook bijvoorbeeld inscripties, wordt gekeken hoe verhalen rond en over dit orakel bijdragen aan de geloofwaardigheid en betrouwbaarheid ervan. Want een orakel moet natuurlijk wel gelijk hebben, anders heb je er zo weinig aan. Bovendien vertellen de verhalen ons ook dat mensen nogal onbekwaam zijn in de interpretatie van de orakelspreuken, wat dikwijls leidt tot verwarring en ongeloof.

Bas (Masterstudent Religiewetenschappen) onderzoekt verhalen omtrent hedendaags engelengeloof. Binnen de zeer diverse groep van moderne engelengelovigen, waarbij elke vorm van autoriteit ontbreekt, lijken persoonlijke verhalen de verbindende factor. Verhalen vormen het geloof van mensen in engelen. Hierbij zijn niet alleen conventionele bronnen zoals de Bijbel belangrijk. Ook films, boeken en tijdschriften over engelen spelen een grote rol. Niet dominees of priesters, maar populaire engelentherapeuten zijn de autoriteiten.

 

Uitwerkingen

De casestudies lijken op het eerste gezicht misschien niet helemaal bij elkaar te passen. Maar ondanks dat ze zo ver uit elkaar liggen qua tijdsperiode en beleving hopen we aan te tonen dat verhalen binnen zulke verschillende ‘tradities’ toch vergelijkbare effecten kunnen hebben. We kijken voor ons onderzoek naar terugkerende elementen die een verhaal – en daardoor de religie -  geloofwaardiger maken.

Hoe werkt dat? Denk bijvoorbeeld aan een hoofdpersoon van een verhaal die eerst sceptisch is, maar gaandeweg toch bekeerd wordt omdat hij/zij overtuigd is geraakt. Dit soort bekeringsverhalen zorgen ervoor dat mensen zich erin kunnen herkennen. Zelf zijn ze misschien ook sceptisch, maar alles blijkt dus mogelijk te zijn, aldus het verhaal. Zo is er de Nederlandse Annelies Hoornik die graag vertelt hoe de aartsengel Gabriel voor haar verscheen, in een zee van licht, als een blonde jongeman in spijkerbroek. Zij vertelt expliciet dat ze voorheen een nuchtere en sceptische vrouw was, totdat Gabriel op bezoek kwam. Dit is een vaak voorkomend motief binnen engelenverhalen en helpt mensen van het bestaan van engelen te overtuigen.

Een gelijksoortig element is de verkeerde interpretatie die personages in de verhalen geven aan gebeurtenissen. Dit wordt later dan vaak rechtgezet door de hogere macht. Ook dit draagt bij aan de geloofwaardigheid van het verhaal. Bij een orakelspreuk zullen mensen namelijk net zo lang doorgaan met interpreteren totdat ze de ‘juiste’ betekenis hebben gevonden. Een interessant voorbeeld van hoe het niet moet is Koning Croesus van Lydië, een bekend verhaal van de schrijver Herodotus. Croesus interpreteerde de orakelspreuken in zijn eigen voordeel, maar niet correct, en dit liep niet goed voor hem af, het werd zelfs zijn ondergang. Immers, het orakel heeft altijd gelijk en is sterker dan mensen. Door de circulatie van verhalen zoals dat van Croesus werd de autoriteit van het orakel bevestigd, wat gewone orakelvragers het vertrouwen gaf dat ook hun orakel uiteindelijk uit zou komen.

 

Project en onderzoeksvraag

Dit onderzoek maakt deel uit van het project ‘Religious Narratives as Plausibility Structures’, één van de negen door de faculteit Geesteswetenschappen gefinancierde projecten in het Leidse Research Traineeship Programme. Onder leiding van dr. Markus Altena Davidsen (Leids Centrum voor Religiewetenschap) en dr. Kim Beerden (Leids Instituut voor Geschiedenis) kijken twee trainees naar de rol die verhalen spelen binnen verschillende religieuze stromingen. Dit project zal resulteren in een aantal blogs, een artikel en enkele presentaties op conferenties.

Plaats een reactie

Name (required)

E-mail (required)

Een avatar? Ga naar www.gravatar.com

Onthoud mij
Hou me op de hoogte van reacties